De Gemeentelijke gaven

Als vervolg op de Bijbelstudie over “Tongen, Tekenen en Tijden” zullen we in deze studie wat meer uitweiden over de geestelijke gaven. In de vorige studie is besproken dat wonderen tekenen waren en een bepaald doel dienden. Bovendien zouden die wonderen/tekenen ophouden, juist omdat ze bedoeld waren als tekenen voor de komst van de Messias en de aanvang van het Nieuwe Verbond.

De functie van die wonderen was:

  • Een demonstratie van Gods macht en kracht;
  • Wonderen en het spreken in tongen zijn tekenen voor ongelovigen;
  • Wonderen bewijzen dat iemand een man Gods is, een van God gezonden man;
  • Wonderen moeten je naar Christus leiden, waardoor je tot geloof komt en eeuwig leven ontvangt;
  • Wonderen zijn symbolische uitbeeldingen van de grote werken Gods;
  • De wonderen die de apostelen deden bevestigen de Goddelijke zending van de apostelen;

De wonderen die de Heere Jezus deed kenmerken Hem als de Messias. De Heere Jezus deed dus tekenen en wonderen; de apostelen daarna ook. Dat waren gaven van God gegeven. De apostelen kregen inderdaad die gave, maar het is een hardnekkig misverstand te denken dat zij daardoor van God de capaciteiten kregen die wonderen en tekenen te doen.

De uitdrukking “geestelijke gaven” komt maar één keer in de Bijbel voor.

[button link=”https://vlichthus.nl/wp-content/uploads/2015/04/De_Gemeentelijke_gaven.pdf” color=”red”]Lees verder in de PDF[/button]

Tongen, tekenen en tijden

Wonderen en het spreken in tongen waren tijdgebonden. Ze worden ook wel tekenen genoemd. Wonderen fungeren in de eerste plaats als tekenen. Ze hebben iets te zeggen en hebben dus een functie. Velen denken dat wonderen in de Bijbel doorlopend voorkomen, maar dat is een misvatting. Ze komen in feite zelden voor, anders zouden ze ook geen wonderen heten. Ze komen in clusters voor:

  • Bij Mozes en Jozua: over een periode van 2 generaties;
  • Bij Elía en Elísa: eveneens over een periode van 2 generaties;
  • Bij de Heere Jezus en de apostelen: weer 2 generaties.

Buiten deze perioden komt wel eens een wonder voor, maar dan echt incidenteel.

Het probleem is dat we de wonderen beschouwen tot nut van ons persoonlijk leven. Het zou fijn zijn als de Heer in ons leven ook zo’n wonder deed. Wij hebben wat nodig en daarom zou het wel bijzonder prettig zijn als de Heer daarin voorziet.

Deze gedachte is kenmerkend voor religies. Ergens bevindt zich een hogere macht die in staat is dingen te doen die wijzelf niet kunnen. We doen er dus van alles aan om die macht gunstig te stemmen, zodat hij er misschien wat voor terugdoet. Helaas vind je deze gedachte ook binnen het christendom terug. Daarom zie je overal ter wereld wonderen gebeuren. Misschien krijgen wij God ook wel zover dat Hij een wonder in ons leven verricht. Als er dan een wonder gebeurt, wil dit overigens helemaal niet zeggen dat God dit verricht heeft, want de duivel kan ook wonderen verrichten. Denk bijvoorbeeld aan de wijzen en guichelaars van de Farao, toen Mozes en Aäron hun ‘kunstjes’ voor hem vertoonden. Die wijzen en guichelaars konden er ook wat van. Een guichelaar = een goochelaar = tovenaar, belezer, bezweerder, waarzegger, wichelaar, duivelskunstenaar.

De vraag is wat de Bijbel over wonderen te zeggen heeft. Werden bijvoorbeeld de aartsvaders in hun leven door wonderen geholpen om zich in het leven staande te houden? Deze mensen waren godvruchtig en zouden dus zeker in aanmerking moeten zijn gekomen voor een door God verricht wonder. Wat we vooral zien is dat ze oud werden en der dagen zat. Izak was aan het einde van zijn leven blind. God deed daar echter niets aan.

[button link=”https://vlichthus.nl/wp-content/uploads/2015/01/Tongen_tekenen_tijden.pdf” color=”red”]Lees verder in de PDF[/button]

Tongen, tekenen en tijden

Het spreken in talen en tongen

Spreken in talen en tongen, boek schrijver RendalDit boek bevat, om zo te zeggen, het leerstellige avontuur van de schrijver. Hij beleefde dat avontuur toen hij, vast overtuigd van de waarde van de gave van het spreken in tongen, zijn Bijbel opensloeg om het fundament ervan te ontdekken. Stukje bij beetje viel hem de grond onder de voeten weg… Maar de eerlijkheid gebood hem dit te erkennen. Hier is zijn verhaal.

Het lezen en bestuderen van dit boek zal helderheid verschaffen aan hen die terecht verontrust zijn over de golf van subjectivisme die christenen thans overspoelt. Deze golf sleept velen mee die weinig vastheid vinden in ervaringen die heel subtiel als Bijbels geëtiketteerd worden. Twee gevaren worden in dit boek gesignaleerd. Het ene gevaar is de warmbloedige dwaling van de namaak; het andere is de kille waarheid van een dode orthodoxie. De meeste auteurs die vóór de verschijning van dit boek hebben geschreven over het spreken in talen hebben dat gedaan vanuit een positie die hun gelijk bij voorbaat veronderstelde, vanuit de vooringenomen stelling van tegenstanders. Ze spreken er over als mensen die zelf buiten de beweging staan. Hun argumentatie blijft verward, vaak onvolledig, soms partijdig. Ze overtuigen niet, niet voldoende althans.

G.F. Rendal begint van binnenuit. Hij neemt stuk voor stuk ieder onderdeel uit elkaar en toont het verouderde, verkeerde en bedrieglijke van het mechanisme aan. Onder zijn pen vloeit heel het Bijbels onderwijs over het spreken in talen en tongen tot een harmonieus geheel ineen. Rendal overtuigt!

Het spreken in talen en tongen is de ongewijzigde heruitgave van een eerder door Telos uitgegeven publicatie met ISBN-nr.: 90-6353-135-4

ISBN: 978-90-808032-5-1 – G.F. Rendal – 13, 5 x 19 cm. – 128 pag. – € 9,00